Voertuigbeheersing examen motorfiets
 
 
 
Je haalt je theorie certificaat en kan ondertussen al beginnen met lessen.
Nadat je het theorie certificaat gehaald hebt, ga je verder door het halen het voertuigbeheersing certificaat.
Dit certificaat bestaande uit: 12 bijzondere verrichtingen (zie de plaatjes hier onder) verdeelt over 4 clusters.
Van cluster 1 krijg je altijd het lopen met de motor.
Van clusters 2 en 4 is er een verplicht en een ter keuze; de keuze wordt door de examinator gemaakt!
Cluster 3 bestaat uit twee bijzondere Verrichtingen dus die krijg je dan ook allebei!
In het totaal krijg je dus 7 van de 12 bijzondere verrichtingen voor het voertuigbeheersings certificaat.
Als je voor dit certificaat geslaagd bent gaan we verder voor het verkeersdeelneming examen!
Kortom de voertuigbeheersing is uit het examen gehaald en als extra examen toegevoegd.
 
  Hoe gaat dit examen eruit zien ?

Het voertuigbeheersing examen is ingedeeld in vier clusters.

Cluster 1

Het lopen met de motor. ( deze is verplicht )

 
Cluster 2

Verrichtingen bij lage snelheid.
( zes oefeningen, waarvan één verplicht en één naar keuze )


(verplicht) langzame slalom met 6 pylonen
op  3 meter onderlinge afstand



(keuze)  het wegrijden uit een parkeervak
op aanwijzing van de examinator.


(keuze) de denkbeeldige 8 binnen een
rechthoek van 6 bij 12 meter.


(keuze) stapvoets rijden over ten minste
20 meter.




(keuze) halve draai links en rechts om
op een rijbaan van 6 meter breed.
 
Cluster 3

Verrichtingen bij hoge snelheid.
( twee oefeningen, waarvan beide verplicht )


uitwijkoefening met 50 km/h


snelle slalom met 6 pylonen op 8 meter
met een snelheid van 30 km/h
 
Cluster 4

Remoefeningen.
( drie oefeningen, waarvan één verplicht en één naar keuze )


(verplicht) noodstop met 50 km/h


(keuze) precisiestop met 50 km/h op 17 meter


(keuze) stopproef met 50 km/h
en technisch juist remmen.